De ontbrekende schakel dinsdag 24 maart 2015

Transparantie van kosten is een groot goed. Terecht heeft de toezichthouder bijvoorbeeld paal en perk gesteld aan de ondoorzichtige kickbackfee, of in gewoon Nederlands de distributievergoeding. Toch zijn we er nog niet.

Want nog steeds is niet volledig duidelijk hoeveel, en welke kosten en inefficiënties een belegger op zijn bordje krijgt.

De oplossing daarvoor is dat elk fonds of ETF een bruto herbeleggingsbenchmark hanteert. Dat is een graadmeter die de bruto-opbrengst van de vergelijkingsmaatstaf van het product aangeeft. In Nederland (en in veel andere landen) wordt het uitbetaalde dividend van de aandelenkoers afgehaald. Van dat dividend wordt 15 procent aan dividendbelasting meteen ingehouden. Dat dividend zou dus (bruto, zonder de vooraf ingehouden belasting), weer bij de waarde van de benchmark opgeteld moeten worden. 

Door het eindresultaat van het beleggingsproduct hiermee te vergelijken, ziet de belegger in één oogopslag hoe efficiënt de benchmark wordt gevolgd waarbij alle componenten in ogenschouw zijn genomen.

Alle kosten en inkomsten meenemen

Denk hierbij aan bijvoorbeeld de inkomsten van securities lending, het uitlenen van de aandelen en/of obligaties die het fonds in portefeuille houdt door de beheerder. Dit levert extra opbrengsten op voor het fonds, maar vloeit ook (deels) naar de beheerder. En kijk naar de inkomsten van het terugvorderen van de ingehouden dividendbelasting. 

Afhankelijk van de vestigingsplaats van een fonds kan in sommige gevallen niet alle dividendbelasting worden teruggevorderd, waardoor het uiteindelijke rendement voor de belegger lager is dan zou moeten. Andere kosten zijn bijvoorbeeld de beheerkosten van het product en de transactiekosten van herwegingen.

Banken wel transparanter

De banken hebben al veel verbeterd. Bij veel banken weten beleggers inmiddels precies waar ze aan toe zijn, wat de kosten van de bank betreft. Dat is een grote stap voorwaarts. Dat de fondshuizen nog steeds dralen met het transparant maken van alle kosten, is mij dan ook een doorn in het oog. Omdat het niet wettelijk opgelegd is, ontbreekt de echte wil om de kosten transparant te maken.

Nu dreigt de discussie te verzanden in een technocratisch welles-nietes spelletje, waarin de fondsaanbieder zich verschuilt achter het argument dat het bijna ondoenlijk is om bijvoorbeeld de transactiekosten volledig transparant te krijgen.

waar een wil is, is een weg

Als de fondshuizen werkelijk de echte kosten willen laten zien, dan moet dat mogelijk zijn, daar ben ik van overtuigd. Een bruto herbeleggingsindex als benchmark zou de ontbrekende schakel kunnen zijn. Maar dan moet men wel willen...

Martijn Rozemuller

Martijn Rozemuller Managing Director