De verborgen kosten van market timing dinsdag 27 mei 2014

Fondsnieuws kwam onlangs met de resultaten van een Amerikaans onderzoek naar beleggingsresultaten uit het begin van de jaren ’90 die eens te meer in het voordeel van indexbeleggen spreken. Twee studenten van de University of California concluderen na uitgebreid onderzoek onder 66.000 beleggers dat de beursindex zelf 1,5 procent per jaar meer rendement gaf dan wat de gemiddelde belegger aan resultaat behaalde.

Ik realiseer me, dat het onderzoek gedateerd is. Het zou aardig zijn wanneer ze de resultaten van de afgelopen vijf jaar ook eens zouden bekijken. Toch is de uitkomst te pregnant om er aan voorbij te gaan. Het sluit aan bij andere studies die tot dezelfde conclusie kwamen.

Literatuurstudie AFM

De AFM heeft op haar website een literatuurstudie gepubliceerd naar het verschil tussen actief en passief beleggen. Na het onder de loep nemen van een aantal studies uitgevoerd door de jaren heen komt de AFM tot deze conclusie:

'…concluderen we dat het wetenschappelijk onderzoek aantoont dat het zeer moeilijk is om op middellange en lange termijn als actief fonds persistente positieve buitengewone rendementen te behalen.'

Levert niets doen dan per saldo altijd meer op? Niet altijd, er blijkt uit de AFM-studie wel degelijk dat er een (kleine) groep fondsmanagers is die in staat zijn de markt te verslaan. Echter, van te voren is niet te voorspellen welke fondsmanagers dat zijn. Zou daar die regel: ‘resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst’ vandaan komen?

Timen van de markt

Het verschil zit hem vaak in het op tijd in- en uitstappen, de market timing. Dit is cruciaal is voor het rendement op lange termijn. Uit onderzoek van Fidelity, een van de grootste vermogensbeheerders wereldwijd, blijkt dat de bulk van het rendement op lange termijn wordt gerealiseerd op slechts een paar beursdagen.

Wie in de periode van 2002-2012 de 10 beste beursdagen gemist had, komt uit op een negatief rendement van 5 procent, in plaats van een positief rendement van 68 procent.

Draaipunten in de markt voltrekken zich vaak met enorme kracht. Wanneer de timing om uit de markt te stappen dan misschien wel goed was, wordt het instapmoment vervolgens vaak gemist waardoor men uiteindelijk slechter af is.

Kosten

Dit zorgt voor een ‘opportunity loss’, en natuurlijk moet er wel beide keren transactiekosten worden betaald. Dus dit zorgt zowel indirect als direct voor verborgen kosten. Het blijkt dat het timen van de markt extreem moeilijk is.

Het is wel leuk, en spannend. Misschien mag het daarom wat kosten. Maar voor het uiteindelijke rendement is het beter gewoon in de markt te blijven.

Martijn Rozemuller

Martijn Rozemuller Managing Director