Onderzoek "Ondanks onbekendheid ETF’s lijkt opmars onstuitbaar" maandag 23 september 2013

De bekendheid van de term tracker ligt met 88% nog steeds boven die van de term ETF, de sinds dit jaar verplichte nieuwe productnaam, met een score 72%. Zo blijkt uit onderzoek van TNS NIPO in opdracht van de Nederlandse aanbieder Think ETF’s. Uit het onderzoek komt eveneens naar voren dat een grote groep beleggers nog nauwelijks bekend is met de kenmerken als eenvoud, spreiding en lage kosten. Dit blijkt vooral bij de grootbank beleggers het geval: bij ING (73%) geeft bijna driekwart van de beleggers aan niet te weten van het bestaan van de ETF, bij ABN Amro (63%) is dit nog twee op de drie terwijl bij de Rabobank (51%) bijna de helft op de hoogte is. Opmerkelijk is dat de beleggers die nog niet in ETF’s beleggen qua typering bij uitstek passen bij de kenmerken die ETF’s in zich hebben. Zo geven ze aan kosten belangrijk te vinden (59%), relatief weinig tijd aan beleggen te besteden (56%), vooral op de lange termijn te beleggen (37%) en slechts 20% wil de index verslaan.

“Deze laatste uitkomsten bevestigen dat de ETF sterk aansluit bij de behoefte van een hele grote groep beleggers maar dat het product juist bij hen nog relatief onbekend is, licht Martijn Rozemuller directeur Think ETF’s toe. Met de afschaffing van de distributievergoeding voor beleggingsfondsen per 1 januari 2014 verwacht ik dat ook de grootbanken meer ETF’s in de portefeuilles aanbrengen en dat de daarmee gepaard gaande promotie zal leiden tot een definitieve doorbraak van de ETF bij het grote beleggerspubliek. De productkenmerken van de ETF als lage kosten, eenvoud, spreiding sluiten niet alleen goed aan bij de behoefte van beleggers maar passen ook precies bij de tijdgeest.”

Verplichte naamswijziging heeft afbreuk gedaan aan bekendheid en eenvoud.
Ondanks dat de door Europese Toezichthouder ESMA verplichte naamswijziging niets aan de structuur van de producten veranderd heeft, heeft dit wel tot gevolg gehad dat de bekendheid en eenvoud van de productgroep is afgenomen. Bij beleggers die gebruikmaken van ETF’s is de afname van bekendheid relatief klein, 88% is (heel) bekend met de term Tracker en 72% is (heel) bekend met de term ETF. Wel heeft de eenvoud van de productgroep er onder te lijden gehad. De term Tracker wordt door 53% als (helemaal) niet complex ervaren waar slechts 34% de term ETF als (helemaal) niet complex ervaart. 


Kostenvoordeel ETF’s nog steeds onbekend

Naast dat ETF’s als minder eenvoudig worden gezien vanwege de verplichte naamswijziging, zijn veel beleggers ook niet op de hoogte van de lage kosten van ETF’s. Zelfs beleggers die in ETF’s beleggen en als één van de belangrijkste argumenten daarvoor de lage kosten aangeven, schatten de kosten te hoog in. De werkelijke kosten van ETF’s zijn door Morningstar in haar laatste onderzoek berekend op 0.40% voor aandelen ETF’s en 0.17% voor obligatie ETF’s. In de grafiek hieronder is te zien dat beide groepen de kosten te hoog schatten maar dat ETF beleggers wel op de hoogte zijn dat ETF’s lagere kosten kennen dan actief beheerde beleggingsfondsen.

Zelfstandige belegger heeft meeste kennis
Beleggers die geheel zelfstandig hun beslissingen nemen hebben de meeste kennis over de voordelen van ETF’s (eenvoud, lage kosten en transparantie). Daarnaast is deze groep, in tegenstelling tot advies- en beheerbeleggers, zich ervan bewust dat actief beheerde beleggingsfondsen meestal een slechter rendement dan de markt behalen. De zelfstandige beleggers, welke vooral beleggen via de online brokers Binck en Alex, worden ook het actiefst geïnformeerd over de voordelen van ETF’s. 19% van de klanten bij Alex worden (zeer) actief geïnformeerd, gevolgd door Binck met 18%. Rabobank is de best presterende grootbank met 12%.

Afschaffing distributievergoeding zal leiden tot meer ETF beleggers
De groep beleggers die aangeeft kennis te hebben van de werking van distributievergoedingen, die vanaf 1 januari 2014 afgeschaft worden, belegt aanzienlijk meer in ETF’s dan in beleggingsfondsen. In 44% van de portefeuilles van die groep is een ETF opgenomen ten opzichte van 23% beleggingsfondsen. Bij beleggers die niet op de hoogte zijn van de werking van distributievergoedingen, is vaker een beleggingsfonds (34%) dan een ETF (20%) terug te vinden.

Over het onderzoek
TNS NIPO is uitvoerder van het onderzoek wat als doel had om de barrières die beleggers ondervinden bij het beleggen in ETF’s in kaart te brengen. Voor Think ETF’s was een van de aanleidingen voor dit onderzoek om te toetsen hoe het stond met de bekendheid van de term en de voordelen van ETF’s onder beleggers. Deze term dient namelijk gevoerd te worden door producten die aan de strengste eisen, de UCITS criteria, voldoen. Het onderzoek is uitgezet in de TNS NIPO Base onder particuliere beleggers. De steekproef is opgehoogd met beleggers die ETF’s in hun portefeuille gebruiken. De veldwerkperiode was van 31 juli tot en met 9 augustus 2013.

Voor de pers is een PowerPointpresentatie beschikbaar waarin dieper wordt ingegaan op de resultaten. De presentatie is op te vragen via Martijn Rozemuller van Think ETF’s. Daarnaast is Reg van Steen van TNS NIPO beschikbaar voor vragen.