Skin in The Game: Een voorspellende factor? donderdag 28 februari 2019

Al jaren heerst een debat tussen actief en passief. Actieve managers beweren met hun onderzoek een competitief voordeel te kunnen leveren. Passieve managers beweren dat het zinloos is de markt te willen verslaan. Koop gewoon de hele markt en stop de zoektocht naar dat ene gouden ei, zeggen zij. De cijfers spreken de laatste jaren voor passief: een ruime meerderheid (60-80%) van de fondsen levert beleggers een minder rendement dan de corresponderende benchmark deed. Van diezelfde groep heeft slecht 20-30% eigen geld geïnvesteerd in het eigen fonds. Isoleren we die groep en kijken we naar hun prestaties, dan blijkt een ruime meerderheid de index over een periode van 20 jaar wél te verslaan. Is er dan toch een systematische manier gevonden voor beleggers om succesvolle fondsen te selecteren?

Een fondsmanager is verantwoordelijk voor één of meerdere fondsen. Dat betekent dat hij of zij de strategie bepaalt waarmee de belofte naar de beleggers wordt nagestreefd. Van leiders van grote bedrijven wensen aandeelhouders doorgaans dat hun beloning afhangt van de prestaties. Dit wordt veelal uitgedrukt in een optiepakket dat alleen onder bepaalde voorwaarden verzilverd mag worden. Op die manier wordt de gezondheid van het bedrijf of de waarde voor stakeholders gekoppeld aan het salaris van de topmannen- en vrouwen. Fondsmanagers hebben een minstens zo directe relatie tot de waardeontwikkeling als de topmannen en vrouwen van bedrijven, maar hebben dus geen skin in the game. Immers, als de fondsen verliezen worden de persoonlijke assets niet minder waard. Kortom: een fondsmanager zonder eigen vermogen in zijn eigen fondsen kent enkel upside en geen downside.

Recent onderzoek suggereert dat het belangrijk is dat fondsmanagers in hun eigen fondsen beleggen en dat dit zelfs een voorspeller van performance is. Het onderzoek, afkomstig van Capital Group, keek naar fondsen waar managers minimaal 1 miljoen dollar eigen vermogen in fondsen hadden belegd. Vervolgens werd de top 25% geïsoleerd en werden de performances van deze fondsen over de afgelopen 20 jaar vergeleken met de benchmarks. Wat bleek: de fondsen leverden klanten structureel meer waarde. Een conclusie trekken op basis van het onderzoek van Capital Group alleen zou zorgelijk zijn: immers zij hebben als actief huis baat bij dergelijke uitslagen. Echter, onderzoek van het doorgaans onafhankelijke Morningstar liet dezelfde resultaten zien.

De resultaten in zowel het onderzoek van Morningstar als Capital Group baseren zich echter op geaggregeerde data per fondshuis, niet per fonds. Er is dus niet gekeken of de managers ook daadwerkelijk belegden in de fondsen. Hoewel hierdoor een directe relatie tussen de performance van een fonds en een manager niet gelegd kan worden, is het ook niet redelijk. Sommige fondsen zijn dermate specifiek dat erin beleggen slechts voor een kleine groep institutionele beleggers logisch is. De uitslagen van het onderzoek zeggen in onze ogen dan ook meer over de capaciteit van succesvolle fondshuizen om kwalitatieve managers vast te houden.

Bij Think ETF’s | VanEck beleggen we allemaal zelf in onze fondsen. Dat doen we via onze pensioenbeheerder Be Frank en veel medewerkers via particuliere beleggingsrekeningen. In zekere zin zitten aandeelhouders dus aan de knoppen. Belangrijk is daarbij dat de beheerder van ETF's Think gelijke belangen heeft met de aandeelhouders. Wij geloven immers dat het volgen van de markt de beste belegging is en streven er elke dag weer naar om dit zo goed mogelijk te doen. Een kwestie van putting your money where your mouth is.

Bronnen: Morningstar, https://www.ft.com/content/768b722c-582b-11e4-a31b-00144feab7de

http://www.usfunds.com/investor-library/frank-talk/skin-in-the-game-investing-why-it-matters/#.XEmaaVxKiUk